Irene’58 4 – Papendrecht 3: 7 – 1

Irene’58 4 – Papendrecht 3:  7 – 1

Op zondag 29 september, de feestdag van de Aartsengelen, 59 jaar na de oprichting van het CERN, 45 jaar na de eerste uitzending van de Fabeltjeskrant op de Nederlandse televisie, de 213e geboortedag van de Engelse natuurkundige en uitvinder Frederick Bakewell, de 112e geboortedag van de Italiaans-Amerikaanse natuurkundige Enrico Fermi, Nobelprijswinnaar in 1938, traden we in Den Hout aan tegen het vierde van Irene’58.

Den Hout is een kerkdorp in de gemeente Oosterhout en telt circa 1200 inwoners. De naam Den Hout komt van hout, dat hoogopgaand geboomte betekent. De bewoningsgeschiedenis in de omgeving van Den Hout gaat ver terug.

Voorwerpen uit de IJzertijd, omstreeks 500 v. Chr., zijn er gevonden. Later leefden veel bewoners van de turfwinning in het gebied ten westen van Den Hout. Het gebied ten oosten van Den Hout was oorspronkelijk een moerassig bosgebied dat tijdens de Sint-Elisabethsvloed van 1421 overstroomde, met een laagje klei werd bedekt en later weer werd ingepolderd. Den Hout lag aan een drukke doorgaande weg. Het bestuurlijk centrum verschoof ondertussen naar Oosterhout, alwaar zich de kerk en het kasteel bevond.
In het noorden ligt de Linie van Den Hout, een in de 17e en 18e eeuw aangelegde verdedigingswal, nu natuurgebied. De Houtse Heuvel is een brink beplant met bomen en is eigendom van de omwonenden van deze brink, de vereniging van eigenaren van de Houtse Heuvel, de zogenaamde gelanders. Dit alles heeft kenmerken van een esdorp, maar niet de Nedersaksische oorsprong zoals esdorpen in Drenthe. Den Hout is een van de zeer weinige esdorpen in Nederland waar deze oorspronkelijke beheersvorm nog bestaat. Een deel van Den Hout is beschermd dorpsgezicht. Het heeft 5 rijksmonumenten. Den Hout werd met geweld bevrijd op 3 november 1944 door de 1e Poolse pantserdivisie (monument bij Teraalster Brug). Het dorp ligt nog juist op hoge zandgrond. Na de Watersnood van 1953 stond het water tot aan de Stelvensedijk.

Het was de Week van de Eenzaamheid, die normaalgesproken in het teken zou staan van Rob S. Maar zie: toen Jan Willem op vrijdagavond na de training naar huis fietste en naar Rob S. zwaaide, die hij op minder dan een meter passeerde, zag Rob S. dat helemaal niet omdat hij helemaal in love, handje in handje, met zijn vrouwtje over straat liep. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Dus nu ziet Rob S. zowel binnen als buiten het veld zijn medespelers totaal niet.
Rond half 10 parkeerde de ene na de andere bestuurder zijn auto op de parkeerplaats vlakbij de molen De Hoop. De korenmolen is een ronde stenen beltmolen uit 1837.
De enige keer dat we op het gemeentelijk sportpark van Irene’58 gespeeld hadden, was tegen het tweede en die ploeg versloegen we met 0 – 1. Het vierde was nog puntloos, dus begonnen we weer eens met onze bekende dat-doen-we-wel-even-want-we-zijn-zo-goed-mentaliteit. Nog voordat de kerkklok tien keer geslagen had, stonden we 1 – 0 achter na een combinatie van een enorm foutenfestival, geklungel en onnozelheid van de bovenste plank en een potje slapen van heb ik jou daar.

We moesten dus direct achter de feiten aanlopen, maar al snel was duidelijk dat het niet goed zou komen. Het was echt zo’n dag waarop praktisch niets meezat. Zo moest opnieuw een veldspeler op het doel, omdat Gerrit helaas niet kon komen. En waar we de afgelopen weken voortdurend ruim in de spelers zaten, was het vandaag behelpen. Het laatste deel van de wedstrijd stond een heel stel gekwetsen in het veld, maar zij konden niet gewisseld worden omdat de mensen langs de kant nog geblesseerder waren. Wat ook niet hielp, was dat de man in het blauwe shirt zich moeiteloos aanpaste aan het niveau van Rob U. Al moet gezegd worden dat de leidsman ons ook wel hielp door tien minuten voor rust Gerardo vanwege aanhoudend gebabbel een gele kaart te tonen en we dus tot aan de rust zonder Gerardo moesten voetballen. Dat was gelijk onze beste fase. “We hadden niets anders verwacht”, horen we u denken.
Mensen: houd nou eens op met dat aanhoudende gepraat tegen de arbiter. Je mag best wel eens wat zeggen, maar als de scheids aangeeft een gele kaart te trekken als je nog één woord zegt, dan moet je gewoon je mond houden. Je dupeert je elftal enorm door je op zo’n domme manier voor tien minuten uit het veld te laten sturen. Al geldt dat uiteraard niet voor Rob U. en Gerardo.
Verder zat het op beslissende momenten in verdedigend opzicht tegen en in aanvallend opzicht wisten onze topscorers de geboden kansen niet te benutten. Zo kon Frank bij een 0 – 1 achterstand alleen op de Brabantse doelman afgaan, maar hij kwam niet verder dan een hopeloze boogbal hoog over het doel. En bij 3 – 1 was Patrick de keeper zelfs al gepasseerd, maar ook hij schoot over, terwijl het doel leeg was.
Vooraf was Patrick nog vol vertrouwen, zeker toen hij een reclamebord met “Patrick” erop zag staan en al helemaal toen Jan Willem zei dat hij uit eerbetoon Patrick-voetbalschoenen gekocht had. Dat Patrick vol vertrouwen zat bleek wel, toen hij na een fluitje van de scheidsrechter de bal resoluut in zijn handen pakte en het strafschopgebied binnenliep. “Toch niet weer …” zult u misschien denken. Ja hoor, alweer. Voor de vierde keer in vijf wedstrijden en voor de derde achtereenvolgende maal in een uitwedstrijd. De scheidsrechters doen het er gewoon om. Ze zijn bezig ons een strafschoppensyndroom te bezorgen en dat is zeker gelukt. Want ook Patrick tartte de ongeschreven regel dat degene die neergehaald is binnen de 16 meter, nooit de pingel moet nemen. En het dient gezegd: dit was veruit de slechtste van allemaal. Patrick gaf achteraf toe, dat hij eigenlijk niet wist hoe hij de strafschop moest nemen en dat was te zien. Patrick schoot gewoon rechtdoor tegen de voeten van de doelman van Irene’58. Zelfs als hij de bal had willen doorlaten, was hem dat niet gelukt.

En toen vervolgens ook nog te velen aan onze kant zich aan het niveau van Rob U. aanpasten en de meesten in het laatste kwart van het duel massaal naar voren liepen, maar niet meer teruggingen om te verdedigen, was een verliespartij onvermijdelijk. We lieten de nederlaag echter volkomen onnodig naar een veel te ruime 7 – 1 oplopen. Dat gaf de verhoudingen op het veld niet juist weer. De tegenstander won volledig terecht, maar echt superslecht hadden we nou ook weer niet gespeeld.
Wim is assistent-scheidsrechter, Eric Doelman en Luciën Speler van de Week. Luciën was eigenlijk de enige die zijn normale niveau haalde. Hij bleef rustig aan de bal, leed nauwelijks balverlies, werd praktisch niet gepasseerd en bleef met fijne passes strooien, maar daar werd niets meegedaan. Het was niet verwonderlijk dat uitgerekend Luciën bij een 3 – 0 achterstand na een fraaie voorzet van Rob S. vanaf rechts de eretreffer maakte door de bal in één keer op de overbekende pantoffel te nemen en de bal snoeihard tegen de touwen te jagen.
Maar goed: we waren lekker bezig geweest op een uitstekend veld, tegen een prima tegenstander, onder prachtige weersomstandigheden en in de kantine bleef het nog lang gezellig. Dat is ook wat waard.

De volgende dag kreeg teammanager De Man het zwaar te verduren tijdens het bekende praatprogramma “Zondag3 International”. “Hij laat zijn beste spelers, Van den Hoven en Lafour gewoon thuis, laat zijn topscorer Van Wijngaarden en de Man van de vorige Week Knipscheer op de bank beginnen en laat Uitermarkt de hele 90 minuten spelen. Dat is vragen om moeilijkheden natuurlijk.”
Ook werd gediscussieerd over het feit dat na afloop de spelers geweigerd hadden naar het uitvak te gaan. “Ik begrijp dat ergens wel. Het is toch wel heel storend dat een hoempapa-dweilorkest 90 minuten lang op zo’n vreselijke manier klassiekers ten gehore brengt die van zichzelf prachtig zijn, zoals “Even wachten … even wachten … nog even wachten … Zondag3!”, “Wilhelmus van Zondag3”, “Hup Zondag3 Hup”, “Zondag3 über alles, über alles auf der Welt”, “Als het lente wordt, dan stuur ik jou tulpen van Zondag3” en natuurlijk “Geef mij maar Zondag3”. En was het nou nodig om Lee Towers in de rust te laten optrommelen om zijn hit “Niets is mooier dan dat ene woord: Zondag3, ja Zondag3” te laten zingen, gevolgd door “Zondag3 bestond nog niet” van Herman van Veen?”

In de stand zijn we inmiddels afgezakt naar de voorlaatste plaats. Volgende week volgt een nieuwe uitwedstrijd. Benieuwd of we wederom een strafschop weten te missen.

Opstelling: Eric; Wilco, Wim (17. Marcel), Arie (56. Rob S.) en Gerardo; Rob U., Johan, Herman en Luciën; Frank (75. Jan Willem) en Rob S. (46. Patrick).
Assistent-scheidsrechter: Jan Willem (75. Wim).

2 Antwoorden op “Irene’58 4 – Papendrecht 3: 7 – 1”

  1. Johan Cruijff schreef:

    Ik hep de pinantie bedacht wie je in twee keer ken nemen. Balletje breed leggen, nog een keertje breed en de keeper hep met de aap gelogeerd. Lijkt me logisch.

  2. Rene van der Gijp schreef:

    Maakt toch niet uit joh, dat van Wijngaardentje een penalty mist man. Helemaal niet erg joh. Die drinkt toch gewoon een biertje na afloop en gaat dan lekker op het bankie zitten met Corrie. Ja toch, lekker een beetje filmpie kijken. Mooi man.